'De naam van ons zoontje is zelfs met de stad verbonden'

'De naam van ons zoontje is zelfs met de stad verbonden'

Fabian Paagman (1976) is een van de bekendste ondernemers van Den Haag. Hij nam een aantal jaar geleden de leiding van de bekende boekhandel over van zijn vader en werd in 2014 uitgeroepen tot Hagenaar van het Jaar. Zijn favoriete plek in Den Haag is Park Sorghvliet.

“Ik kom er tegenwoordig niet meer zo vaak, maar vroeger kwam ik hier best vaak. Ik ben hier in de buurt opgegroeid, in het Statenkwartier, en mijn peuterschool zat hier recht achter. Mijn middelbare school, gymnasium Sorghvliet, bevindt zich op een steenworp afstand. Ik was trouwens geen modelleerling: ik ben het meeste weer vergeten. Ik heb wel altijd de moraal onthouden van de Latijnse tekst waar het eindexamen over ging: het maakt niet uit waar je heen reist, je neemt altijd jezelf met je mee.

Dit park voelde vroeger een beetje als mijn eigen achtertuin. Het gebied van 22 hectare hoorde vroeger bij het Catshuis en is nu een afgeschermd en door het rijk beschermd stukje Haagse natuur. We hebben met de familie het park laatst herontdekt, en dat is eigenlijk best leuk. Het is net als met de Efteling: daar was ik ook twintig jaar niet geweest en dan is het heel leuk om zo’n dierbare plek te herontdekken met je eigen kind. Je hebt ook een kaart nodig om hier te mogen lopen, dus het is er nooit echt druk.

Ik vind dit park ook wel kenmerkend voor Den Haag. Iedereen denkt natuurlijk altijd aan het strand, of aan het historische centrum. Maar Den Haag is ook zoveel groen. Ik ken geen enkele grote stad die aan het strand ligt en waar toch zo de focus op het koesteren van parkjes en parken ligt. Ik ken maar weinig andere steden in de wereld met zoveel verschillende gezichten. Het maakt niet uit waar je zit; als je een paar minuten fietst, bevind je je in een heel andere sfeer of dynamiek.

Ik hou echt van de stad en voel me ook echt betrokken bij de stad. Misschien komt dat ook door mijn rol als ondernemer van een bekend bedrijf: dan sta je al vrij snel midden in de lokale samenleving. De naam van ons 3-jarige zoontje is zelfs met de stad verbonden. We zaten na te denken over zijn naam toen Beatrix de abdicatie aankondigde - we zeiden meteen tegen elkaar 'Willem, dat wordt hem'. Of ik niet de gemeentepolitiek in zou willen? Nee, dat denk ik niet. Ik heb wel ideeën, maar dat is iets anders dan bruggen kunnen slaan. En dat is een kwaliteit die je volgens mij als politicus wel moet hebben.

Ik heb nooit heel bewust voor de zaak gekozen; de zaak heeft voor mij gekozen. Het was vermoedelijk onvermijdelijk, al begreep ik dat pas toen ik ouder werd. Het was een typisch familiebedrijf, mijn zus en ik hielpen van jongs af aan al in de winkel. Het kwam allemaal in een stroomversnelling toen ik klaar was met mijn middelbare school en mijn vader besloot naar Canada te emigreren. Ik heb nog heel kort iets economie-achtigs in Rotterdam gestudeerd, maar dat bleek niet te combineren met leiding geven aan de zaak.

Er zijn meer mensen in onze omgeving die Den Haag hebben verlaten. Maar de meesten keren vroeger of later toch terug. Natuurlijk biedt een andere plek in de wereld avontuur en nieuwigheid. Maar die ellende waar je doorheen moet. En de realiteit van 'de andere kant van de wereld' blijkt vaak veel weerbarstiger dan veel mensen vermoeden. Het gras is meestal helemaal niet groener dan op de plek waar je nu zit en die je gewend bent.”