'Er is in Den Haag geen plek waar ik beter kan ontspannen dan hier'

'Er is in Den Haag geen plek waar ik beter kan ontspannen dan hier'

Actrice Nandi van Beurden (1991) voltooide haar opleiding Muziektheater aan het Fontys Conservatorium in Tilburg. Sindsdien was zij te zien in musicals als The Sound of Music en Belle en het Beest, die nog een paar maanden in Scheveningen te zien is. Haar favoriete plek in Den Haag is het filiaal van boekhandel Paagman aan de Frederik Hendriklaan.

“Ik woon inmiddels een halfjaar in Den Haag. Ik ben de understudy van hoofdrol Belle in de Nederlandse versie van The Beauty and the Beast; op de andere avonden maak ik deel uit van het ensemble. In het najaar ga ik door naar Stuttgart, waar ik een rol in het ensemble van Mary Poppins heb gekregen. Veel Nederlandse musicalacteurs krijgen vroeger of later een rol in Duitsland; de musicalmarkt is daar sowieso groter en er is meer geld voor theater beschikbaar dan in Nederland.

Nandi Paagman.jpg

Ik heb de opleiding Muziektheater gevolgd aan het Fontys Conservatorium in Tilburg. Je wordt daar ook voorbereid op het feit dat er maar weinig werk is; er zijn veel mensen die er niet van rond kunnen komen en dan zelf projecten moeten gaan verzinnen of ander werk moeten zoeken. Ik had het geluk dat ik op het juiste moment in beeld was toen er een understudy voor Maria in The Sound of Music werd gezocht. En daarna kon ik gelijk door naar Belle.

Ik kende Den Haag nog niet heel goed; alleen het Statenkwartier en het Regentessekwartier, waar een goede vriend van mij woont. Pas toen ik op zoek ging naar een huis, leerde ik andere wijken kennen. Ik ben geboren en getogen in Tilburg; dat is een grote stad met een klein centrum. Den Haag lijkt bijna één groot centrum te zijn, overal gebeurt wel iets. Er zijn grote evenementen in het centrum of één van de parken, maar ook in de kleinere buurten gebeurt altijd wel iets. In Amsterdam zijn er voor mijn gevoel altijd alleen maar grote evenementen.

Het Circustheater, waar ik nu elke avond mag spelen, lag voor mijn gevoel te veel voor de hand als favoriete plek. Het is een prachtige locatie en een heel warm theater met een lange musicalgeschiedenis. Wat Carré is voor het Nederlandse cabaret, is het Circustheater voor de musicals. Maar ik heb gekozen voor boekhandel Paagman aan de Frederik Hendriklaan. Het Circustheater associeer ik toch met werk; Paagman associeer ik met ontspanning. Er is in Den Haag geen plek waar ik beter kan ontspannen dan hier.

Ik ben verzot op boekwinkels, ik kan daar letterlijk uren ronddalen. Laat mij maar los en ik ben gelukkig, als kind al. In Tilburg had je in de Emmapassage een winkel die nog grootser en wijdser was dan Paagman. Mijn ouders namen mij dan mee en hadden een middag lang geen kind aan mij. Ik vind het heerlijk om in Paagman in het café te gaan zitten, zodat je gelijk de eerste paar bladzijden van een nieuwe aankoop tot je kan nemen. En je vindt altijd mooie nieuwe boeken. Paagman tipt zelf ook boeken; heel fijn, want op die manier vind je soms pareltjes die je anders niet had gekend.

Paagman is een fenomeen in Den Haag, al is het wel droevig dat het de laatste grote boekwinkel van Den Haag is, maar daarom is het hier wel altijd druk. Je loopt hier ook altijd rond met gelijkgezinden, mensen die ervan houden om een boek in hun handen te hebben. Dat zijn mensen die niet geloven in e-readers of boeken downloaden op je telefoon. In dat opzicht lijk ik best op Belle: zij is ook verzot op boeken. In de openingsscène praat ik met een boekverkoper bij zijn boekenkar en in het kasteel van het Beest is zij het meest geinteresseerd in de bibliotheek. Ik ben zelf groot fan van de moderne Vlaamse schrijvers, zoals Dimitri Verhulst of Griet Opdebeeck. Maar natuurlijk sla ik op zijn tijd ook Haagse klassieken zoals Couperus niet af. Ik heb best een brede literaire interesse – dat past volgens mij ook bij een wereldstad als Den Haag.”